noun
politiek, beleidslijn
B1
Politik is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent „politiek” als vakgebied of „beleid” in concrete zin. In het enkelvoud verwijst het vaak naar het abstracte begrip politiek; het meervoud Politiken duidt op specifieke beleidslijnen. Regelmatige verbuiging: die Politik, der Politik, die Politiken.
Voorbeelden
Die neue Umweltpolitik der Regierung ist umstritten.
Het nieuwe milieubeleid van de regering is omstreden.
In der Zeitung lese ich oft über Politik.
Ik lees vaak over politiek in de krant.
Ich interessiere mich sehr für Politik.
Ik ben erg geïnteresseerd in politiek.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een parlementsgebouw met veel vlaggen voor wanneer je „Politik” hoort.
Klinkt als het Engelse „politics” — bijna hetzelfde woord.
die (vrouwelijk) — veel Duitse woorden die op -ik eindigen zijn vrouwelijk (die Musik, die Klinik, die Politik).
Opmerkingen
„Politik” wordt vaak gebruikt als een niet-telbaar begrip („die Politik”) en ook in contexten die verwijzen naar beleidsterreinen. Het meervoud „Politiken” bestaat, maar komt minder vaak voor.