noun
religie
B1
Religion is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘religie’: een systeem van geloof, rituelen en gebruiken. Meervoud: Religionen. De verbuiging is regelmatig. Veelgebruikte combinaties zijn einer Religion angehören en die Religion ausüben.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Die Religionsfreiheit ist ein wichtiges Grundrecht.
Godsdienstvrijheid is een belangrijk grondrecht.
Während der Diskussion sprachen die Politiker über Religion, sodass das Publikum aufmerksam zuhörte und Fragen stellte.
Tijdens de discussie spraken de politici over religie, zodat het publiek aandachtig luisterde en vragen stelde.
Die Religion spielt in vielen Kulturen eine wichtige Rolle.
Religie speelt in veel culturen een belangrijke rol.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een wereldbol voor met veel mensen eromheen die verschillende geloven beoefenen — dat beeld = Religion.
Klinkt als het Engelse «religion» — dezelfde wortel en betekenis.
Die — zelfstandige naamwoorden op -ion zijn in het Duits meestal vrouwelijk. Visualiseer een vrouwelijke figuur (die) met een heilig boek om «die Religion» te onthouden.
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Directe cognate met het Engelse «religion». Let op: in sommige contexten kunnen «Religionsgemeinschaft» of «Glaube» worden gebruikt voor specifiekere betekenissen (religieuze gemeenschap, geloof).