noun
fabrikant, producent, maker
B1
Hersteller betekent ‘fabrikant’ of ‘producent’. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Hersteller. Het meervoud blijft gelijk: die Hersteller. De verbuiging is regelmatig, met genitief des Herstellers. Veel gebruikt in handel, techniek en op productverpakkingen.
Voorbeelden
Als Produzent und Hersteller setzt die Firma auf nachhaltige Materialien.
Als producent en fabrikant zet het bedrijf in op duurzame materialen.
Der Hersteller gibt eine Garantie von zwei Jahren auf das Produkt.
De fabrikant geeft twee jaar garantie op het product.
Der Händler nannte den Hersteller, damit die Kunden die Garantie später leichter beanspruchen konnten.
De handelaar noemde de fabrikant, zodat de klanten later gemakkelijker aanspraak konden maken op de garantie.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een fabrieksbord voor met ‘Hersteller’ boven de lopende band.
Klinkt als ‘her seller’ — iemand die producten maakt en verkoopt (fabrikant).
Opmerkingen
Hersteller wordt vaak gebruikt in commerciële en technische contexten. Het meervoud is gelijk aan het enkelvoud (die Hersteller). In contracten zie je vaak Herstellerangaben (fabrikantinformatie).