other
hoofd-, voornaamste, hoofdzakelijk
B1
haupt- is een productief woorddeel met de betekenis „hoofd-”, „belangrijk” of „centraal”. Het vormt samenstellingen zoals Hauptstadt en Hauptbahnhof. Het is geen zelfstandig woord, maar een bouwsteen die prioriteit of belangrijkheid aangeeft.
Voorbeelden
In 'Hauptstadt' ist 'haupt-' das Präfix, das 'chief' oder 'main' andeutet.
In 'Hauptstadt' geeft het voorvoegsel 'haupt-' 'hoofd-' of 'belangrijkste' aan.
Das Wort 'hauptsächlich' enthält das Präfix 'haupt-' und bedeutet 'principal' oder überwiegend.
Het woord 'hauptsächlich' bevat het voorvoegsel 'haupt-' en betekent 'voornaamste' of 'voornamelijk'.
Die Diskussion konzentrierte sich auf die haupt- und nebenberuflichen Aufgaben, die das Komitee für das nächste Jahr planen musste.
De discussie richtte zich op de hoofd- en nevenwerkzaamheden die het comité voor het volgende jaar moest plannen.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een kroon op de «kop» van een woord voor om te laten zien dat het het belangrijkste deel is.
Klinkt als «howpt» — denk aan «head» (haupt ~ hoofd/belangrijk).
Opmerkingen
Dit is een affix (prefix). Het wordt niet los gebruikt in normaal taalgebruik, maar vormt deel van veel samenstellingen (Hauptstadt, hauptsächlich, der Hauptbahnhof).