noun
garantie, waarborg, garantiebewijs
B1
Garantie (v., meervoud: Garantien) betekent ‘garantie’ of ‘waarborg’: een contractuele toezegging dat een product of dienst aan bepaalde voorwaarden voldoet. Vrouwelijk zelfstandig naamwoord met regelmatig meervoud. Veel gebruikt in handel en recht.
Voorbeelden
Die Firma bot eine zweijährige Garantie an, damit die Kundin Sicherheit hatte, obwohl das Gerät gebraucht gekauft worden war.
Het bedrijf bood een garantie van twee jaar aan, zodat de klant zich zeker voelde, hoewel het apparaat tweedehands was gekocht.
Das Gerät hat eine Garantie von zwei Jahren.
Het apparaat heeft twee jaar garantie.
Die Garantie deckt Schäden innerhalb eines Jahres ab.
De garantie dekt schade binnen een jaar.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een rode stempel op een product voor met «Garantie» erop, als een belofte-sticker.
Klinkt als het Engelse «guarantee» — heel vergelijkbare uitspraak en betekenis.
DIE Garantie — woorden op -ie zijn vaak vrouwelijk; onthoud «die Idee», «die Garantie».
Opmerkingen
In het alledaagse Duits zijn «Garantie» en «Gewährleistung» verschillende juridische begrippen; «Garantie» is vaak een vrijwillige belofte van de fabrikant.