noun
merk, label, etiket
B1
Marke is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent vooral ‘merk’ in de commerciële zin, maar ook ‘label’ of kenmerk. Meervoud: Marken. Regelmatige verbuiging: die Marke. Veel gebruikt in handel en marketing.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Welche Marke von Turnschuhen trägst du am liebsten?
Welk merk sneakers draag je het liefst?
Der Käufer erklärte, welche Marke er bevorzugte, weil das Produkt länger hielt.
De koper legde uit welk merk hij prefereerde, omdat het product langer meeging.
Diese Marke ist für ihre hohe Qualität bekannt.
Dit merk staat bekend om zijn hoge kwaliteit.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een bedrijfslogo voor dat op een product is gestempeld — dat is de Marke.
klinkt als Engels ‘mark’ met een extra -e — denk ‘mark + e’ = Marke.
die — veel eenvoudige woorden op -e zijn vrouwelijk, dus onthoud ‘die Marke’.
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Marke betekent meestal ‘merk’ (bijv. bedrijfsmerk) of kan verwijzen naar een merkteken/label op een product. Let op: ‘Marke’ is niet hetzelfde als het werkwoord ‘markieren’.