noun
gehakt, fijngehakt vlees, gemalen vlees
B1
Faschierte betekent ‘gehakt’ of ‘fijngehakt vlees’, vooral in Oostenrijk. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Faschierte. Meervoud: die Faschierten. Meestal wordt het als stofnaam gebruikt, dus je telt het eerder per gewicht dan per stuk.
Voorbeelden
Ich kaufe Faschierte für das Abendessen.
Ik koop gehakt voor het avondeten.
Faschierte Laibchen sind in Österreich beliebt.
Gehaktballetjes zijn populair in Oostenrijk.
Für die Soße brauchen wir noch Faschierte.
Voor de saus hebben we nog gehakt nodig.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een slager voor die vlees in kleine stukjes maalt (gehakt).
klinkt als 'fash' + 'cheered' — stel je voor dat mensen juichen terwijl het vlees wordt fijngehakt.
das Faschierte — denk aan 'das' bij veel onzijdige voedselwoorden.
Opmerkingen
Oostenrijkse/Duitse term voor gehakt of gemalen vlees. Vaak onzijdig gebruikt of in samenstellingen (bijv. Faschiertes Laibchen).