adverb
met dat, zodat
B1
damit heeft twee hoofdgebruiken: als pronominaal bijwoord betekent het ‘met dat / daarmee’, en als onderschikkend voegwoord betekent het ‘zodat’ of ‘om te’. Als voegwoord staat de persoonsvorm aan het einde van de bijzin. Context en woordvolgorde bepalen de betekenis.
Voorbeelden
Ich schreibe mit dem Stift und kann damit die Karte unterschreiben.
Ik schrijf met de pen en kan daarmee de kaart ondertekenen.
Er hat die Lampe gedreht, damit das Licht heller wird.
Hij draaide de lamp zodat het licht helderder werd.
Der Lehrer war damit zufrieden, weil die Klasse leise blieb.
De leraar was daar tevreden mee, omdat de klas stil bleef.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je voor dat je naar een pen wijst en zegt: ‘da mit’ (daar met dat) — zo onthoud je ‘met dat/daardoor’.
Klinkt als ‘dam it’ — stel je voor dat je naar een voorwerp wijst en zegt ‘met dat’.
Opmerkingen
damit is een pronominaal bijwoord dat «met dat/daardoor» kan betekenen (verwijzend naar iets) of als voegwoord kan functioneren met de betekenis «zodat» (doel aanduidend). De woordvolgorde volgt de normale regels van de bijzin wanneer het als «zodat» wordt gebruikt.