noun
beeld, afbeelding, foto
A1
Bild betekent „beeld”, „afbeelding” of „foto”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Bild, meervoud die Bilder. Verbuiging: des Bildes, dem Bild, den Bildern. Het woord wordt gebruikt voor echte, digitale en figuurlijke beelden. Meervoud regelmatig.
Voorbeelden
Der Mann hängte ein Bild an die Wand, nachdem die Farbe getrocknet war.
De man hing een schilderij aan de muur nadat de verf was opgedroogd.
Das Bild an der Wand ist sehr schön.
De afbeelding aan de muur is erg mooi.
Ein Bild von meinen Kindern hängt über meinem Schreibtisch.
Boven mijn bureau hangt een foto van mijn kinderen.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een fotolijst voor met het woord «Bild» onderaan.
Denk aan Engels «build», maar stel je een afbeelding voor.
das — stel je een neutraal kader voor (das Bild).
Opmerkingen
Meervoud: «Bilder». Vaak gebruikt in contexten van visuele media.