adjective
bewolkt, wolkig
A2
bewölkt betekent ‘bewolkt’ of ‘grijs van de wolken’, vooral bij het weer: Es ist bewölkt. Het is een gewoon bijvoeglijk naamwoord met trappen van vergelijking: bewölkter, am bewölktesten. Gebruik attributief en predicatief. Tegenovergesteld: klar.
Voorbeelden
Heute ist es bewölkt, also nehmen wir einen Regenschirm mit.
Vandaag is het bewolkt, dus nemen we een paraplu mee.
Der Himmel war bewölkt, sodass der Spaziergang abgesagt wurde.
De lucht was bewolkt, dus de wandeling werd afgelast.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een lucht voor vol wolkachtige wolken van wol (Wolke = wolk) die de zon bedekken.
Klinkt als ‘be-wolked’ — stel je de lucht voor die ‘be-wolked’ is (bedekt met wolken).
Opmerkingen
Een participiaal bijvoeglijk naamwoord afgeleid van het werkwoord bewölken («bewolken»). Veelvoorkomend in weerberichten.