noun
Au, goud
B1
Au is het chemische symbool voor goud. In het dagelijks taalgebruik zegt men meestal das Gold. Het symbool wordt vooral gebruikt in de chemie, economie, juwelenhandel en wetenschappelijke of numismatische contexten. Als symbool wordt het meestal onzijdig behandeld: das Au.
Voorbeelden
Der alte Ring ist aus Au gefertigt.
De oude ring is van goud gemaakt.
Im Periodensystem steht Au für Gold.
In het periodiek systeem staat Au voor goud.
Das laute 'Au' wurde im Büro gehört, weil ein Mitarbeiter sich den Finger einklemmte.
De luide 'au' werd op kantoor gehoord, omdat een medewerker zijn vinger beknelde.
Details
Ezelsbruggetjes
Visualiseer het periodiek systeem met het vakje ‘Au’ dat goudkleurig oplicht.
Klinkt als ‘au’ — maar onthoud: Au = Aurum (Latijn) = goud.
das — denk aan ‘das Element’ (onzijdig); Au als chemisch element is onzijdig.
Opmerkingen
Chemisch symbool uit het Latijnse ‘Aurum’. Hier behandeld als een zelfstandig naamwoord dat naar het element/symbool verwijst.