adjective
veel, talrijk, heel veel
A1
viel betekent ‘veel’ of ‘een hoop’. Bij niet-telbare woorden gebruik je viel Wasser; bij telbare meervouden vaak viele: viele Bücher. Vergelijkend: mehr; overtreffend: am meisten. Kan als bijvoeglijk naamwoord, voornaamwoord of bijwoord optreden.
Voorbeelden
Sie hat viele Freunde.
Ze heeft veel vrienden.
Er trinkt viel Wasser.
Hij drinkt veel water.
Ich habe viel Zeit.
Ik heb veel tijd.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een grote stapel voor met het label «viel» om hoeveelheid aan te geven.
Klinkt als «fill» — stel je voor dat je heel veel vult.
Opmerkingen
viel is onregelmatig in de vergelijking: vergrotende trap «mehr», overtreffende trap «am meisten».