Treppe

noun
trap, trappen
A1

vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Treppe betekent trap of trappenhuis. Meervoud: die Treppen. Veelgebruikt in huis, gebouwen en architectuur. Let op: Treppe is de hele trap; een losse trede heet Stufe.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Pass auf die Treppe auf, sie ist rutschig.
Pas op voor de trap, die is glad.
Die Mitarbeiter trugen die Kisten die Treppe hinauf, obwohl die Stufen eng waren.
De medewerkers droegen de dozen de trap op, hoewel de treden smal waren.
Wo ist die Toilette? - Die Treppe hoch und dann links.
Waar is het toilet? — De trap op en dan links.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALTreppen

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativedie Treppedie Treppen
genitiveder Treppeder Treppen
dativeder Treppeden Treppen
accusativedie Treppedie Treppen

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je voor dat je een trap beklimt met het label «Treppe».
👂«Treppe» lijkt een beetje op «step» + «prep» erin.
⚧️Vrouwelijk: stel je de trap voor met een lint om «die» te onthouden.

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

«Treppe» wordt vaak in het meervoud gebruikt wanneer men een trap als geheel bedoelt («die Treppe»).

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS