noun
therapie
B1
Therapie is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘therapie’ of ‘behandeling’, medisch of psychologisch. Meervoud: Therapien. Gewone verbuiging: die Therapie, der Therapie, den Therapien. Telbaar en veel gebruikt in zorg en psychologie.
Voorbeelden
Nach der Operation braucht er eine lange Therapie.
Na de operatie heeft hij een lange therapie nodig.
Die Ärztin empfahl eine Therapie, damit die Patientin weniger Schmerzen hätte.
De arts raadde een therapie aan, zodat de patiënte minder pijn zou hebben.
Er bekommt eine Therapie gegen seine Rückenschmerzen.
Hij krijgt therapie voor zijn rugpijn.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een bank en het notitieblok van een therapeut voor: dat is therapie.
Vrouwelijk (die) — stel je een ‘die’-label op de deur van de therapieruimte voor.
Opmerkingen
‘Therapie’ wordt vaak gebruikt in medische en psychologische contexten. Combinaties: Psychotherapie, Physiotherapie.