noun
gazon, grasveld
B1
Rasen is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent „gazon” of „grasveld”. Meervoud: die Rasen, dus dezelfde vorm. Genitief: des Rasens. Vaak gebruikt in uitdrukkingen als auf dem Rasen. Niet verwarren met het werkwoord rasen.
Voorbeelden
Nachdem der Gärtner den Rasen mähte, bemerkte die Familie, dass der Garten ordentlicher wirkte.
Nadat de tuinman het gazon had gemaaid, merkte het gezin dat de tuin netter leek.
Das Betreten des Rasens ist verboten.
Het is verboden het grasveld te betreden.
Der Rasen im Park ist gut gepflegt.
Het gazon in het park is goed onderhouden.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een groen tapijt voor (het gazon) dat over een tuin ligt: dat is de Rasen.
klinkt als ‘razor’ maar met een ‘n’ — denk aan een gazon dat door een scheermes (maaier) is getrimd.
der -> stel je een grote mannelijke grasmaaier voor met ‘der’ erop, die het gazon maait
Opmerkingen
Rasen verwijst naar een grasoppervlak (een gazon). Als telbaar zelfstandig naamwoord wordt het vaak zonder meervoud of met dezelfde vorm in meervoudscontexten gebruikt.