Mund

noun
mond
A1

Mund is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘mond’. Je zegt der Mund, genitief des Mundes, datief dem Mund. Het meervoud is onregelmatig: die Münder, met umlaut en -er. Ook gebruikt in figuurlijke uitdrukkingen.

Voorbeelden

Sie haben Halsschmerzen? Bitte machen Sie mal den Mund auf.
Heeft u keelpijn? Doe uw mond eens open, alstublieft.
Der Patient hielt den Mund geschlossen, obwohl die Ärzte zusätzliche Fragen stellten.
De patiënt hield zijn mond dicht, hoewel de artsen extra vragen stelden.
Er öffnete den Mund und begann zu sprechen.
Hij deed zijn mond open en begon te spreken.

Details

MeervoudMünder

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Munddie Münder
genitivedes Mundesder Münder
dativedem Mundden Mündern
accusativeden Munddie Münder

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een glimlachende mond voor met het label ‘Mund’.
👂Mund — denk aan ‘mouth’ (kort, eenlettergrepig lichaamswoord).
⚧️DER Mund — stel je een mannelijk personage voor dat praat met een opvallende mond (mannelijk).

Opmerkingen

Veelvoorkomend lichaamsdeel; mannelijk.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek