noun
slager
B1
Metzger is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘slager’. Het gaat om iemand die dieren slacht of vlees verkoopt. Meervoud: Metzger. Genitief enkelvoud: des Metzgers; datief meervoud: den Metzgern. Vrouwelijke vorm: Metzgerin. Veelgebruikt als beroepsnaam.
Voorbeelden
Der Metzger verkauft frisches Fleisch aus der Region.
De slager verkoopt vers vlees uit de regio.
Der Kunde bat den Metzger um Rat, weil er das Fleisch nicht richtig zubereiten konnte.
De klant vroeg de slager om advies omdat hij het vlees niet goed kon bereiden.
Beim Metzger kaufe ich frisches Fleisch und Wurst.
Bij de slager koop ik vers vlees en worst.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een bord voor met een hakmes en het woord 'Metzger' boven de slagersbalie.
Metzger klinkt als 'meats-ger' — associeer het met vlees.
der (mannelijk): denk aan 'der' als 'meneer' — een traditioneel mannelijk beroep (der Metzger).
Opmerkingen
Kan verwijzen naar de eigenaar van een slagerij of naar een slager als beroep. Meervoud meestal 'Metzger'; datief meervoud: 'den Metzgern'.