König

noun
koning
B1

König betekent ‘koning’, dus een mannelijke vorst. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der König. Meervoud: die Könige. Genitief enkelvoud: des Königs. Veel gebruikt in historische, politieke en literaire contexten.

Voorbeelden

Der König regiert das Land.
De koning regeert het land.
Der König regierte das Land vor mehreren Jahrhunderten.
De koning regeerde het land enkele eeuwen geleden.
Während des Festes wurden Reden über den König gehalten, weil er gerade eine wichtige Entscheidung verkündete.
Tijdens het feest werden toespraken over de koning gehouden, omdat hij net een belangrijke beslissing had aangekondigd.

Details

MeervoudKönige

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Königdie Könige
genitivedes Königsder Könige
dativedem Königden Königen
accusativeden Königdie Könige

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een man met een kroon en scepter voor, zittend op een troon — de König.
👂Denk aan ‘king’ — hetzelfde idee in het Engels.
⚧️Mannelijk zelfstandig naamwoord: gebruik ‘der’ (der König).

Opmerkingen

König verwijst naar een mannelijke monarch of historische heerser. De vrouwelijke tegenhanger is Königin.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek