Konfitüre

noun
jam, vruchtenjam
B1

Konfitüre (die) betekent ‘confituur’ of ‘jam’, dus een fruitige broodbeleg. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Konfitüre. Meervoud: Konfitüren. De verbuiging is regelmatig. In de spreektaal wordt het vaak naast Marmelade gebruikt, al bestaat er technisch verschil.

Voorbeelden

Zum Frühstück esse ich am liebsten Brot mit selbstgemachter Konfitüre.
Bij het ontbijt eet ik het liefst brood met zelfgemaakte jam.
Ich esse gern Brot mit Konfitüre zum Frühstück.
Ik eet graag brood met jam als ontbijt.
Die Bäckerin sagte, dass die neue Konfitüre, die sie vorher ausprobierte, besser schmeckte als die alte.
De bakkerin zei dat de nieuwe jam, die ze eerder had geprobeerd, beter smaakte dan de oude.

Details

MeervoudKonfitüren

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Konfitüredie Konfitüren
genitiveder Konfitüreder Konfitüren
dativeder Konfitüreden Konfitüren
accusativedie Konfitüredie Konfitüren

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een pot voor met het label ‘Konfitüre’, gevuld met rode jam die door het glas zichtbaar is.
👂Konfitüre klinkt een beetje als ‘confit’ + ‘ture’ — denk aan ‘confit-jam’.
⚧️die — stel je een ronde pot voor met een vrouwelijke ‘die’-strik eromheen.

Opmerkingen

Konfitüre verwijst meestal naar vruchtenjam; in sommige regio’s lijkt het op Marmelade. Meervoud: Konfitüren.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek