noun
onweer, donderstorm
A2
Gewitter betekent ‘onweer’ of ‘onweersbui’. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Gewitter, meervoud die Gewitter. Je gebruikt het vooral in weerberichten: Es gibt Gewitter. Het meervoud heeft dezelfde vorm als het enkelvoud.
Voorbeelden
Es gibt ein Gewitter.
Er is onweer.
Am Abend gab es ein starkes Gewitter.
's Avonds was er een zwaar onweer.
Der Flug wurde verschoben, weil ein Gewitter über dem Flughafen zog.
De vlucht werd uitgesteld omdat er een onweersbui over de luchthaven trok.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je donkere wolken en bliksem voor wanneer je ‘Gewitter’ hoort
Gewitter — denk aan ‘get-witter’ als weer met harde geluiden
das (onzijdig) — stel je een neutraal storm-icoon voor met ‘das Gewitter’
Opmerkingen
Het meervoud is hetzelfde als het enkelvoud: Gewitter.