verb
lukken, slagen, goed uitpakken
B1
gelingen betekent ‘slagen’, ‘lukken’ of ‘goed uitpakken’. Het is een onovergankelijk werkwoord en wordt vaak onpersoonlijk gebruikt: Es gelingt jemandem etwas; de persoon staat in de datief. Het perfectum vormt met sein: ist gelungen. Sterk onregelmatig werkwoord; voltooid deelwoord: gelungen; 3e pers. pres.: gelingt.
Voorbeelden
Es ist ihm gelungen.
Het is hem gelukt.
Das Experiment gelang.
Het experiment is geslaagd.
Es gelang mir, die richtige Lösung zu finden.
Het is me gelukt de juiste oplossing te vinden.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een kleine trofee voor die verschijnt wanneer iets ‘gelingt’.
Klinkt een beetje als ‘get in’ — stel je voor dat je succes binnenstapt.
Opmerkingen
Gelingen is een onpersoonlijk/intransitief werkwoord dat normaal voorkomt als «es gelingt jemandem, etwas zu tun» (alleen de 3e persoon enkelvoud met «es» wordt gebruikt). Persoonsvormen anders dan de onpersoonlijke 3e persoon enkelvoud worden in normaal modern gebruik niet gebruikt; passieve constructies zijn niet van toepassing. Imperatiefvormen zijn ook niet van toepassing op dit onpersoonlijke werkwoord.