Fußball

noun
voetbal
A1

Fußball is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Fußball, meervoud die Fußbälle. Het betekent zowel de sport voetbal als de voetbal zelf. Je gebruikt het vaak met spielen of in uitdrukkingen als beim Fußball. Gewone verbuiging.

Voorbeelden

Der Fußballtrainer ist sehr freundlich.
De voetbaltrainer is erg vriendelijk.
Am Sonntag spielen wir Fußball.
Op zondag spelen we voetbal.
Der Trainer beobachtete das Fußballspiel, obwohl viele Zuschauer wegen des Regens gegangen waren.
De trainer keek naar de voetbalwedstrijd, hoewel veel toeschouwers vanwege de regen waren weggegaan.

Details

MeervoudFußbälle

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Fußballdie Fußbälle
genitivedes Fußballsder Fußbälle
dativedem Fußballden Fußbällen
accusativeden Fußballdie Fußbälle

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een bal voor die wordt geschopt door een voet met het label ‘Fußball’.
👂Fuß (voet) + Ball — football
⚧️der Fußball — stel je een mannelijke speler voor met ‘der’ op zijn shirt

Opmerkingen

Mannelijk zelfstandig naamwoord. Gebruik ‘football’ in Brits Engels, ‘soccer’ in Amerikaans Engels.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek