noun
gebeurtenis, voorval, feit
B1
Ereignis is een onzijdig zelfstandig naamwoord: ‘gebeurtenis’, ‘evenement’, ‘incident’. Meervoud: Ereignisse. Genitief enkelvoud: des Ereignisses. Komt vaak voor in neutrale of formele contexten, zoals nieuws en wetenschap.
Voorbeelden
Das Konzert war ein besonderes Ereignis.
Het concert was een bijzondere gebeurtenis.
Die Hochzeit war ein unvergessliches Ereignis.
De bruiloft was een onvergetelijke gebeurtenis.
Dieses Ereignis veränderte das ganze Dorf.
Deze gebeurtenis veranderde het hele dorp.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een kalender voor met een gemarkeerde dag met het label «Ereignis» en mensen die samenkomen.
Denk aan «event» — de stam «ereign-» verwijst naar iets dat gebeurt.
das → stel je een neutraal ticket («das Ticket») voor een evenement (Ereignis) voor.
Opmerkingen
«Ereignis» is een onzijdig zelfstandig naamwoord voor gebeurtenissen of voorvallen en komt vaak voor in nieuwsberichten en formele beschrijvingen.