Cousin

noun
neef
B1

Cousin betekent ‘neef’ in de zin van een mannelijke neef/cousin. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Cousin. Het meervoud is regelmatig: Cousins. De verbuiging volgt het normale patroon, zoals des Cousins en die Cousins.

Voorbeelden

Mein Cousin kommt am Wochenende zu Besuch.
Mijn neef komt dit weekend op bezoek.
Mein Cousin aus Amerika kommt uns nächste Woche besuchen.
Mijn neef uit Amerika komt ons volgende week bezoeken.
Die Familie besuchte den Cousin, weil er Geburtstag feierte.
De familie bezocht de neef, omdat hij jarig was.

Details

MeervoudCousins

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Cousindie Cousins
genitivedes Cousinsder Cousins
dativedem Cousinden Cousins
accusativeden Cousindie Cousins

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je je mannelijke neef voor met een pet waarop ‘COUSIN’ staat.
👂Klinkt als het Engelse ‘cousin’.
⚧️Mannelijk ‘der’ — stel je voor dat hij zich voorstelt met: ‘der Cousin’.

Opmerkingen

Cousin is de mannelijke vorm; de vrouwelijke vorm is Cousine (of Kusine als variant). In informeel Engels is ‘cousin’ meestal genderneutraal.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek