noun
boon
A2
Bohne is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Bohne. Het betekent boon of peulvrucht, en afhankelijk van de context ook koffieboon. Meervoud: Bohnen. Regelmatige verbuiging. Veel gebruikt in de keuken, bijvoorbeeld grüne Bohnen en Kaffeebohne.
Voorbeelden
Der Koch gab der Suppe Bohnen, die er zuvor eingeweicht hatte.
De kok voegde bonen toe aan de soep die hij eerder had geweekt.
Ich esse gern Bohnen.
Ik eet graag bonen.
Ich koche die Bohnen fünfzehn Minuten lang.
Ik kook de bonen vijftien minuten lang.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een kleine groene boon in een peul voor met het label «Bohne».
Klinkt als «bean» — beide zijn kort en lijken op elkaar.
Die Bohne — stel je een vrouw voor die bonen plukt (die).
Opmerkingen
Vaak gebruikt in culinaire contexten; meervoud «Bohnen».