noun
avond
A1
Abend betekent ‘avond’. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Abend, meervoud die Abende. Vaak zie je am Abend en heute Abend; abends kan ook als bijwoord gebruikt worden. Heel gebruikelijk voor de avondtijd en avondafspraken.
Voorbeelden
Am Abend gehen wir spazieren.
's Avonds gaan we wandelen.
Am Abend treffen wir uns im Café.
's Avonds spreken we af in het café.
Am Abend des Konzerts blieben viele Besucher länger, weil die Musiker eine Zugabe spielten.
Op de avond van het concert bleven veel bezoekers langer, omdat de muzikanten een toegift speelden.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je de ondergaande zon voor en een kalenderlabel ‘Abend’ voor avondactiviteiten
klinkt als Engels ‘abend’ — onthoud het via ‘event’ (beide doen aan avond denken)
der — denk aan ‘der Abend’ zoals ‘der Tag’ (beide mannelijke tijdswoorden)
Opmerkingen
Veelvoorkomende combinaties: ‘am Abend’ (’s avonds), ‘guten Abend’ (goedenavond).