noun
voorstad, buitenwijk, randgebied
B1
Vorort (der Vorort, meervoud Vororte) betekent ‘voorstad’ of ‘buitenwijk’, dus een woongebied buiten het stadscentrum. Vaak: in einem Vorort von ... of in den Vororten. Mannelijk zelfstandig naamwoord, meervoud Vororte. Regelmatige verbuiging.
Voorbeelden
Am Stadtrand, in einem Vorort, ist es oft ruhiger als im Zentrum.
Aan de rand van de stad, in een buitenwijk, is het vaak rustiger dan in het centrum.
Ich wohne in einem Vorort.
Ik woon in een buitenwijk.
Die Familie zog in einen Vorort, weil die Mieten in der Stadt stiegen und sie mehr Platz brauchten.
Het gezin verhuisde naar een buitenwijk omdat de huren in de stad stegen en ze meer ruimte nodig hadden.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je huizen voor die vóór het stadscentrum liggen (vor = voor, Ort = plaats)
Denk aan ‘for-ort’ — ‘ort’ betekent plaats, dus een plaats buiten de stad (voorstad)
der = stel je een man voor (der Vorort) die het gazon maait in de voorstad
Opmerkingen
Een veelgebruikt woord voor woongebieden buiten het stadscentrum. Meervoud is «Vororte».