noun
pension, pensionnetje, gastverblijf
B1
Pension betekent ‘pension’ of ‘klein gastenverblijf’, dus een eenvoudig hotelletje. Vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Pension, meervoud Pensionen. Regelmatige verbuiging. Veel gebruikt in reis- en boekingscontext. Niet verwarren met pensioen.
Voorbeelden
Wir haben eine kleine Pension an der Küste gebucht.
We hebben een klein pension aan de kust geboekt.
Der Reiseführer empfahl eine Pension, damit die Gruppe nahe beim Bahnhof übernachten konnte.
De reisgids beval een pension aan, zodat de groep dicht bij het station kon overnachten.
Die Pension bietet Frühstück und Abendessen an.
Het pension biedt ontbijt en avondeten aan.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een klein pension aan zee voor met een bord «Pension» en ontbijt op de veranda.
die — stel je een vriendelijke hospita (vrouw) voor die een klein pension runt.
Opmerkingen
Deze betekenis van «Pension» verwijst naar een klein hotel of pension (vaak familiegerund).