noun
kracht, vermogen
B1
Kraft betekent ‘kracht’, ‘sterkte’ of ‘energie’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Kraft, meervoud die Kräfte. Het kan gaan om fysieke kracht, natuurkundige kracht of figuurlijke invloed. Het meervoud is onregelmatig met umlaut: Kräfte.
Voorbeelden
Er trainiert, um mehr Kraft in den Armen zu bekommen.
Hij traint om meer kracht in zijn armen te krijgen.
Ich habe keine Kraft.
Ik heb geen kracht.
Das Team verlor an Kraft, weil die Spieler den ganzen Tag arbeiteten.
Het team verloor aan kracht omdat de spelers de hele dag werkten.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een gespierde arm voor met het label 'Kraft' die een zwaar gewicht optilt.
kraft klinkt als 'craft' — denk aan de kunst van het opbouwen van kracht.
die Kraft — stel je een vrouwelijke figuur voor die kracht symboliseert om het vrouwelijke lidwoord te onthouden.
Opmerkingen
Vrouwelijk zelfstandig naamwoord. Kan verwijzen naar fysieke kracht, mechanisch vermogen of abstracte kracht.