Kosten

noun
kosten, uitgaven, onkosten
B1

Kosten is een pluralia tantum: het betekent ‘kosten’, ‘uitgaven’ of ‘onkosten’ en heeft geen enkelvoud. Het staat met een meervoudsvorm van het werkwoord: Die Kosten sind hoch. Vormen: der Kosten, den Kosten. Veel gebruikt in financiën en rekeningen.

Voorbeelden

Die Kosten für das Konzert sind höher als erwartet.
De kosten voor het concert zijn hoger dan verwacht.
Reiseversicherung deckt oft unerwartete Kosten bei Stornierungen.
Reisverzekering dekt vaak onverwachte kosten bij annuleringen.
Die Firma senkte die Produktion, weil die Kosten zu hoch waren.
Het bedrijf verlaagde de productie omdat de kosten te hoog waren.

Details

MeervoudKosten

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativenot applicabledie Kosten
genitivenot applicableder Kosten
dativenot applicableden Kosten
accusativenot applicabledie Kosten

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een bon voor met veel regels waarop ‘Kosten’ vetgedrukt staat.
👂klinkt als ‘coast’ + ‘ten’ — stel je tien munten aan de kust voor als kosten.
⚧️die — denk aan ‘die Kosten’ als ‘de kosten’.

Opmerkingen

Alleen meervoud in het Duits; gebruikt om over prijzen, kosten of uitgaven te spreken. Er is geen gebruikelijke enkelvoudsvorm wanneer men het algemeen over ‘costs’ heeft. | Alleen meervoud; enkelvoudsvormen zijn niet van toepassing.

Categorie

Woordenschatverkenner

In de buurt in het woordenboek