Zins

noun
rente, interest
B1

Zins (der) is een mannelijk financieel woord en betekent ‘rente’ of ‘rentevoet’. Enkelvoud: der Zins, genitief des Zinses; meervoud: die Zinsen, datief den Zinsen. Veel gebruikt in bank- en economische context, ook in samenstellingen zoals Zinssatz.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Die Zinsen für das Sparkonto sind sehr niedrig.
De rente op de spaarrekening is erg laag.
Die Bank erhöhte den Zins, nachdem die Inflation gestiegen war, sodass viele Kunden neue Verträge prüften.
De bank verhoogde de rente nadat de inflatie was gestegen, zodat veel klanten nieuwe contracten bekeken.
Der Zins für den Kredit ist sehr hoch.
De rente voor de lening is erg hoog.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALZinsen

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativeder Zinsdie Zinsen
genitivedes Zinsesder Zinsen
dativedem Zinsden Zinsen
accusativeden Zinsdie Zinsen

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een bankafschrift voor met een regel «Zins» waarop het extra toegevoegde geld staat.
👂Rijmt een beetje op het Engelse «since» — denk aan «money since» om financiën te onthouden.
⚧️Der Zins — koppel «der» aan veel mannelijke financiële termen.

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

Vaak gebruikt in financiële contexten. Het meervoud « Zinsen » is gebruikelijk wanneer men in het algemeen over rente-uitbetalingen spreekt.

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS