Wert

noun
waarde, prijs, belang
B1

Wert (m.) betekent ‘waarde’, ‘prijs’ of ‘belang’. Meervoud: Werte. Genitief enkelvoud vaak des Wertes. Het woord wordt gebruikt voor materiële, morele en abstracte waarde: von Wert sein, an Wert gewinnen/verlieren. Gewone verbuiging.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Der materielle Wert dieses Gemäldes ist hoch.
De materiële waarde van dit schilderij is hoog.
Der Preis entspricht nicht dem Wert des Produkts.
De prijs komt niet overeen met de waarde van het product.
Der Experte schätzte den Wert des Gemäldes, obwohl das genaue Alter unklar war.
De expert schatte de waarde van het schilderij, hoewel de exacte ouderdom onduidelijk was.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALWerte

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativeder Wertdie Werte
genitivedes Wertesder Werte
dativedem Wertden Werten
accusativeden Wertdie Werte

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een prijskaartje of een munt voor met een «der»-lint — der Wert.
👂Dezelfde wortel als Engels «worth» — Wert = worth/value.
⚧️Koppel «der» (mannelijk) aan een man die een waardecertificaat vasthoudt: der Wert.

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

Wert wordt gebruikt voor geldwaarde, abstracte waarde of belangrijkheid. De genitief kan «des Wertes» zijn of in de omgangstaal «des Werts».

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS