noun
kwartier, wijk, buurt
A1
onzijdig zelfstandig naamwoord: das Viertel betekent een kwartier of een stadswijk. Meervoud: die Viertel. Genitief enkelvoud: des Viertels. De context bepaalt of het om tijd of plaats gaat, bijvoorbeeld Viertel nach drei of in meinem Viertel.
Voorbeelden
Sie wohnen in einem ruhigen Viertel.
Ze wonen in een rustige buurt.
Der Kompromiss sparte ein Viertel der Ausgaben ein, nachdem die Stadt die Prioritäten geändert hatte.
Het compromis bespaarde een kwart van de uitgaven nadat de stad haar prioriteiten had gewijzigd.
Es ist Viertel nach drei.
Het is kwart over drie.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een kwart pizza of een munt voor om de betekenis van « kwart » te onthouden.
Denk aan « veer-tel » — het klinkt een beetje als « fertile », maar stel je een kwart (munt) voor.
Das Viertel — onthoud « das » door aan een kleine, neutrale munt te denken.
Opmerkingen
Viertel kan 15 minuten betekenen (« Viertel nach drei ») of een deel van een stad (« ein Viertel »). Het meervoud is vaak hetzelfde (die Viertel).