tragen

verb
dragen, vervoeren, aanhebben
A2

tragen is een sterk werkwoord en betekent ‘dragen’, ‘meenemen’ of ‘aanhebben’ (kleding). Verleden tijd: trug; voltooid deelwoord: getragen; perfekt met haben. In de tegenwoordige tijd verandert a → ä: du/er trägst/trägt. Niet wederkerend en niet scheidbaar.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Der Umzugshelfer trug die Kartons die Treppe hoch, obwohl das Wetter so schlecht war, dass es gefährlich erschien.
De verhuishulp droeg de dozen de trap op, hoewel het weer zo slecht was dat het gevaarlijk leek.
Sie trägt eine warme Jacke.
Ze draagt een warme jas.
Er trug einen Hut.
Hij droeg een hoed.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.AUXILIARYhaben
VOCABULARY.DETAILS.SEPARABLEVOCABULARY.DETAILS.NO
VOCABULARY.DETAILS.REGULARVOCABULARY.DETAILS.NO
VOCABULARY.DETAILS.VERB_TYPEstrong
VOCABULARY.DETAILS.STEM_CHANGESa -> ä in du/er/sie/es (träg-); preterite trug, participle getragen

VOCABULARY.DETAILS.PRINCIPAL_FORMS

Präsens (3. Sg.)er/sie/es trägt
Präteritum (3. Sg.)er/sie/es trug
Perfekter/sie/es hat getragen

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je iemand voor die een zware doos draagt of een jas aanheeft.
👂denk aan ‘tray’ — een dienblad dragen.
⚧️n/a

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

Sterk werkwoord met klinkerverandering in du/er (träg-).

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS

ichtrage
duträgst
er/sie/esträgt
wirtragen
ihrtragt
sie/Sietragen
ichwerde getragen
duwirst getragen
er/sie/eswird getragen
wirwerden getragen
ihrwerdet getragen
sie/Siewerden getragen
ichtrage
dutragest
er/sie/estrage
wirtragen
ihrtraget
sie/Sietragen
ichwerde getragen
duwerdest getragen
er/sie/eswerde getragen
wirwerden getragen
ihrwerdet getragen
sie/Siewerden getragen
ichwürde tragen
duwürdest tragen
er/sie/eswürde tragen
wirwürden tragen
ihrwürdet tragen
sie/Siewürden tragen
ichwürde getragen werden
duwürdest getragen werden
er/sie/eswürde getragen werden
wirwürden getragen werden
ihrwürdet getragen werden
sie/Siewürden getragen werden
dutrage!
ihrtragt!
SieTragen Sie!