Pfleger

noun
verpleger, verzorger
B1

Pfleger (m.) betekent ‘verzorger’, ‘verpleger’ of ‘zorgmedewerker’, meestal een man. Meervoud: Pfleger. Vrouwelijke vorm: Pflegerin. Het is een persoonsnaam met regelmatige verbuiging: der Pfleger, des Pflegers, den Pflegern.

Voorbeelden

Als Pfleger arbeitet er auf der chirurgischen Station.
Als verzorger werkt hij op de chirurgische afdeling.
Das Krankenhaus suchte Pfleger, die Erfahrung mit Intensivmedizin hätten, weil die Abteilung erweitert wurde.
Het ziekenhuis zocht verpleegkundigen met ervaring in de intensive care, omdat de afdeling werd uitgebreid.
Der Pfleger gab dem Patienten die Tabletten.
De verzorger gaf de patiënt de tabletten.

Details

MeervoudPfleger

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Pflegerdie Pfleger
genitivedes Pflegersder Pfleger
dativedem Pflegerden Pflegern
accusativeden Pflegerdie Pfleger

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een mannelijke verpleegkundige voor in scrubs met een naambadge waarop «Pfleger» staat
👂klinkt als «flagger» — stel je iemand voor die met een vlag zwaait terwijl hij patiënten begeleidt
⚧️mannelijk (der) — denk aan «der» voor mannelijke beroepen

Opmerkingen

Pfleger verwijst meestal naar een mannelijke zorgprofessional; de vrouwelijke vorm is Pflegerin. In de omgangstaal wordt vaak «Pflegekraft» gebruikt voor genderneutraal personeel.

Categorie

Woordenschatverkenner

In de buurt in het woordenboek