adjective
forfaitair, vast
B1
pauschal is een bijvoeglijk naamwoord en betekent „forfaitair”, „vast bedrag” of „algemeen/te globaal”. Het wordt gebruikt bij prijzen, kosten en te algemene uitspraken. Niet te vergelijken in trappen van vergelijking. Veel in contracten en prijsafspraken.
Voorbeelden
Die Firma zahlte eine pauschale Entschädigung, obwohl die Schäden bei den Kunden unterschiedlich waren.
Het bedrijf betaalde een forfaitaire schadevergoeding, hoewel de schade bij de klanten verschillend was.
Die Entschädigung wurde pauschal gezahlt.
De vergoeding werd als een vast bedrag uitbetaald.
Die Reise ist pauschal; alle Kosten sind im Preis enthalten.
De reis is all-in; alle kosten zijn in de prijs inbegrepen.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een grote geldbuidel voor die alles in één keer betaalt — één vast bedrag.
Denk aan ‘pouch-all’ — één buidel die alles dekt (één prijs voor alles).
Opmerkingen
Wordt vaak gebruikt in prijscontexten (pauschale Gebühr) om een enkel vast bedrag aan te geven dat meerdere items of diensten dekt.