verb
meedoen, deelnemen
A1
mitmachen betekent ‘meedoen’ of ‘deelnemen’. Het is een scheidbaar werkwoord: mach mit! In het perfect: ich habe mitgemacht. Veelgebruikt bij activiteiten, spelletjes en evenementen.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Willst du bei dem Projekt mitmachen?
Wil je meedoen aan het project?
Ich mache beim Spiel mit.
Ik doe mee aan het spel.
Wir haben bei der Aktion mitgemacht.
We hebben meegedaan aan de actie.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
mensen die elkaars handen vasthouden in een kring om mee te doen
denk aan ‘meet-mock-in’ — ‘mit’ = met, ‘machen’ = doen: samen met anderen doen
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Scheidbaar voorvoegsel «mit-» — in de tegenwoordige tijd in een hoofdzin gaat het voorvoegsel naar het einde: «ich mache mit». | Onovergankelijk werkwoord; passieve vormen zijn niet van toepassing.