noun
kaas
A2
Käse, de: mannelijk zelfstandig naamwoord met de betekenis ‘kaas’. Meervoud is vaak gelijk aan het enkelvoud: Käse. Genitief enkelvoud: des Käses. Kan als stofnaam of telbaar woord gebruikt worden; veel in de keuken.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Ich möchte gerne ein Stück Käse.
Ik zou graag een stukje kaas willen.
Ich esse gerne Käse zum Frühstück.
Ik eet graag kaas als ontbijt.
Der Händler verkaufte den Käse auf dem Markt, weil viele Kunden regionale Produkte kaufen wollten.
De verkoper verkocht de kaas op de markt omdat veel klanten regionale producten wilden kopen.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een kaaswiel voor met een groot label ‘Käse’
der — denk aan ‘der Käse’ (mannelijk): stel je een mannelijke muis voor die van kaas houdt
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Wordt vaak als massanaamwoord gebruikt; meervoud kan «Käse» zijn.