noun
kip, kuikentje
B1
Hühnchen betekent een klein/jong kipje of een gerecht met kip. Door het verkleiningsachtervoegsel -chen is het onzijdig: das Hühnchen. Het meervoud blijft gelijk: die Hühnchen. Genitief enkelvoud: des Hühnchens. Vaak op menu’s en in de keuken.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Zum Mittagessen gab es gebratenes Hühnchen mit Reis.
Bij de lunch was er geroosterde kip met rijst.
Die Familie bestellte Hühnchen, weil das Restaurant spezielle Saucen empfohlen hatte.
De familie bestelde kip, omdat het restaurant speciale sauzen had aanbevolen.
Für das Abendessen bereite ich ein leckeres Hühnchen-Curry zu.
Voor het avondeten maak ik een heerlijke kipcurry klaar.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een kleine geroosterde kip op een bord voor met stoom die opstijgt — dat bord is het «Hühnchen».
huehn-chen — denk aan «hen» + «-chen» (verkleinwoord) = kleine kip.
das = onzijdig; denk aan iets kleins / een gerecht dat in het Duits vaak met «das» wordt aangeduid.
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Hühnchen kan zowel een kleine/jonge kip (dier) als kip als bereid gerecht betekenen (bijv. geroosterde kip). Het is een verkleinwoord en wordt vaak op menu’s gebruikt.