glauben

verb
geloven, denken (dat)
A1

glauben betekent ‘geloven’ of ‘denken dat’. Het is een zwak, regelmatig werkwoord; voltooid deelwoord: geglaubt, met hebben in de voltooide tijden (ich habe geglaubt). Vaak met an + accusatief: an jemanden/etwas glauben = in iemand/iets geloven. Niet wederkerig.

Voorbeelden

Ich glaube dir.
Ik geloof je.
Ich glaube, dass das richtig ist.
Ik denk dat dat juist is.
Er glaubte an das Gute.
Hij geloofde in het goede.

Details

Hulpwerkwoordhaben
ScheidbaarNee
RegelmatigJa
Werkwoordtypeweak

Hoofdsvormen

Präsens (3. Sg.)er/sie/es glaubt
Präteritum (3. Sg.)er/sie/es glaubte
Perfekter/sie/es hat geglaubt

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je iemand voor die zijn ogen sluit en een verhaal gelooft.
👂glauben ~ 'globe-ben' — stel je voor dat je naar een globe knikt om te laten zien dat je het gelooft.

Opmerkingen

Wordt vaak gebruikt met een bijzin ingeleid door 'dass'. Regelmatig zwak werkwoord.

Categorie

Woordenschatverkenner

In de buurt in het woordenboek

ichglaube
duglaubst
er/sie/esglaubt
wirglauben
ihrglaubt
sie/Sieglauben
ichwerde geglaubt
duwirst geglaubt
er/sie/eswird geglaubt
wirwerden geglaubt
ihrwerdet geglaubt
sie/Siewerden geglaubt
ichglaube
duglaubest
er/sie/esglaube
wirglauben
ihrglaubet
sie/Sieglauben
ichwerde geglaubt
duwerdest geglaubt
er/sie/eswerde geglaubt
wirwerden geglaubt
ihrwerdet geglaubt
sie/Siewerden geglaubt
ichwürde glauben
duwürdest glauben
er/sie/eswürde glauben
wirwürden glauben
ihrwürdet glauben
sie/Siewürden glauben
ichwürde geglaubt werden
duwürdest geglaubt werden
er/sie/eswürde geglaubt werden
wirwürden geglaubt werden
ihrwürdet geglaubt werden
sie/Siewürden geglaubt werden
duglaub(e)!
ihrglaubt!
Sieglauben!