verb
gieten, schenken, water geven
B1
gießen betekent ‘gieten’, ‘schenken’, ‘water geven’ of ‘metalen gieten’. Het is een sterk onregelmatig werkwoord: preteritum goss, voltooid deelwoord gegossen. Perfekt met haben. Imperatief: gieß. Veel gebruikt in keuken, tuin en metaalbewerking.
Voorbeelden
Der Gärtner goss die Blumen früh am Morgen, bevor die Hitze des Tages einsetzte.
De tuinman gaf de bloemen vroeg in de ochtend water, voordat de hitte van de dag inzette.
Ich habe den Kaffee gegossen.
Ik heb de koffie ingeschonken.
Sie goss die Pflanzen.
Zij gaf de planten water.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een gieter voor die langzaam water giet, waarbij de «ie» in gießen als een lange stroom is.
klinkt als ‘gee-sen’ — stel je voor dat je zegt: ‘Gee, send the water’ om het gieten te onthouden.
N/A
Opmerkingen
Wordt vaak gebruikt voor het ingieten van vloeistoffen en voor het water geven van planten. Ook gebruikt in technische contexten (metaalgieten). Onthoud de klinkerverandering in de verleden vormen (gießen — goss — gegossen). De formele gebiedende wijs (Sie) wordt hier niet gegeven, omdat voornaamwoorden niet zijn toegestaan in vervoegingsvelden; de informele gebiedende vormen worden zonder voornaamwoorden gegeven.