Freiheit

noun
vrijheid
B1

Freiheit, de betekent „vrijheid” en kan zowel de algemene toestand van vrij zijn als concrete vrijheden aanduiden. Meervoud: Freiheiten. Veelgebruikte combinaties zijn von, zu en in Freiheit. Een belangrijk woord in politiek en dagelijks taalgebruik.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Viele Menschen kämpften für mehr Freiheit und politische Mitbestimmung.
Veel mensen vochten voor meer vrijheid en politieke medezeggenschap.
Viele Aktivisten kämpften für die Freiheit, nachdem neue Gesetze die persönlichen Rechte eingeschränkt hatten.
Veel activisten vochten voor vrijheid nadat nieuwe wetten de persoonlijke rechten hadden beperkt.
Die Freiheit der Meinungsäußerung ist ein wichtiges Grundrecht.
De vrijheid van meningsuiting is een belangrijk grondrecht.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALFreiheiten

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativedie Freiheitdie Freiheiten
genitiveder Freiheitder Freiheiten
dativeder Freiheitden Freiheiten
accusativedie Freiheitdie Freiheiten

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een vogel voor die uit een open kooi vliegt als symbool voor vrijheid.
⚧️Die Freiheit — denk aan uitdrukkingen zoals «die Demokratie» (ook vrouwelijk) om «die» te onthouden.

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

Freiheit wordt gebruikt in politieke, persoonlijke en filosofische contexten. Het meervoud (Freiheiten) verwijst vaak naar verschillende soorten of gevallen van vrijheden.

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS