noun
e-mail, e-mailbericht
A1
E-Mail betekent „e-mail” of elektronische boodschap. Het is een vrouwelijk leenwoord uit het Engels: die E-Mail, meervoud die E-Mails. Vaak wordt ook Mail gezegd. In adressen en technische contexten blijft de vorm meestal onveranderd. Heel gebruikelijk in privé- en zakelijke communicatie.
Voorbeelden
Ich habe dir eine E-Mail geschickt.
Ik heb je een e-mail gestuurd.
Als die Kundin die E-Mail öffnete, bemerkte der Assistent einen Fehler, weil die Adresse falsch war.
Toen de klant de e-mail opende, merkte de assistent een fout op omdat het adres verkeerd was.
Ich habe dir gestern eine E-Mail geschickt.
Ik heb je gisteren een e-mail gestuurd.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een envelop met een @-teken voor om E-Mail te onthouden
hetzelfde als Engels ‘email’, alleen met een koppelteken
die — denk aan ‘die Nachricht’ (het bericht), dat vrouwelijk is
Opmerkingen
E-Mail krijgt vaak het meervoud E-Mails. In sommige gebruikswijzen komt het onzijdig voor, maar het standaard lidwoord is die.