noun
dief
B1
Dieb is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘dief’. Meervoud: Diebe. Genitief enkelvoud: des Diebes. Vrouwelijke vorm: Diebin. Het is een sterk woord met regelmatige verbuiging, vaak gebruikt in alledaagse, juridische en journalistieke contexten.
Voorbeelden
Der Dieb wurde gestern nachts geschnappt.
De dief werd gisteravond gepakt.
Die Polizei verhörte den Verdächtigen, weil ein Dieb in der Nähe gesehen wurde, doch der Zeuge konnte das Gesicht nicht genau beschreiben.
De politie ondervroeg de verdachte, omdat er in de buurt een dief was gezien, maar de getuige kon het gezicht niet precies beschrijven.
Ein Dieb hat mir auf dem Markt die Tasche gestohlen.
Een dief heeft op de markt mijn tas gestolen.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een schimmige figuur voor die sluipt met een tas waarop groot «Dieb» staat.
Denk aan «die» + «b» — iemand die «sterft» voor jouw spullen (grapje).
der — stel je een mannelijk silhouet met een hoed voor om «der Dieb» te onthouden.
Opmerkingen
Veelvoorkomende combinaties: «ein Dieb», «der Taschendieb» (zakkenroller). Niet verwarren met «Diebe» (meervoud).