noun
boek
A1
Buch betekent „boek” of „deel/volume”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Buch, meervoud die Bücher. Verbuiging: des Buches, dem Buch. Het meervoud is onregelmatig met umlaut. Heel gewoon woord voor papieren en digitale boeken.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Haben Sie ein Buch über die Geschichte von Berlin?
Heeft u een boek over de geschiedenis van Berlijn?
Ich lese ein interessantes Buch.
Ik lees een interessant boek.
Nachdem die Bibliothekarin das Buch zurückgab, stellten die Leser fest, dass einige Seiten fehlten.
Nadat de bibliothecaresse het boek had teruggebracht, ontdekten de lezers dat enkele pagina's ontbraken.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een boek voor met groot ‘Buch’ op de kaft.
das = denk aan een neutrale doos met pagina’s erin.
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Het meervoud krijgt een umlaut: Bücher.