noun
broodje, klein broodje, bolletje
B1
Brötli is een onzijdig zelfstandig naamwoord en een Zwitsers-Duitse verkleinvorm van ‘broodje’ of ‘klein broodje’. Meervoud vaak gelijk: Brötli. Genitief enkelvoud soms Brötlis. Het is regionaal en informeel, vooral in Zwitserland, vaak bij het ontbijt.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Am Morgen esse ich ein warmes Brötli mit Butter.
’s Ochtends eet ik een warm broodje met boter.
Die Bäckerei hatte nur noch ein Brötli, weil viele Kunden früh kamen.
De bakkerij had nog maar één broodje over, omdat veel klanten vroeg kwamen.
Zum Frühstück esse ich gerne ein frisches Brötli mit Butter und Marmelade.
Bij het ontbijt eet ik graag een vers broodje met boter en jam.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een klein rond broodje voor op een bakkerijblad met het label «Brötli» (Zwitserse verkleinvorm).
brötli klinkt als «brot» (brood) + een kleine uitgang — denk aan «klein brood».
das — stel je een klein neutraal broodje in een mand voor met het label «das Brötli» (onzijdig = das)
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Zwitserduitse verkleinvorm van «Brötchen». Het gebruik is regionaal (Zwitserland) — in standaardduits is «Brötchen» gebruikelijker. Het meervoud blijft in het dialect vaak onveranderd (Brötli).