noun
zwembad, openbaar zwembad
A1
„Schwimmbad” betekent „zwembad”, meestal een openbaar zwembad. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Schwimmbad, meervoud die Schwimmbäder. In het meervoud verandert de klinker door umlaut. Veelgebruikt voor binnen- en buitenbaden.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Das städtische Schwimmbad hat ein Sportbecken und ein Kinderbecken.
Het gemeentelijke zwembad heeft een wedstrijdbad en een kinderbad.
Die Eltern fuhren mit den Kindern ins Schwimmbad, obwohl das Wetter kühl war.
De ouders gingen met de kinderen naar het zwembad, hoewel het weer koel was.
Im Sommer gehen wir oft ins Schwimmbad.
In de zomer gaan we vaak naar het zwembad.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een groot zwembad voor met een bordje «Schwimmbad» en mensen die zwemmen.
Klinkt als «swim + bad» — een plek om te zwemmen.
das Schwimmbad — onzijdig «das» zoals een bord bij een zwembad (neutraal object).
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Samenstelling van schwimmen (zwemmen) + Bad (bad/zwembad). Het meervoud heeft umlaut: Schwimmbäder.