adverb
nog, steeds, nog steeds
A1
noch is een heel frequent bijwoord met de betekenissen „nog”, „nog steeds” en in vragen/ontkenningen vaak „al / nog”. Belangrijke combinaties: immer noch = nog steeds, noch nicht = nog niet. Het kan ook toevoeging aangeven: noch mehr, noch einmal.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Gibt es noch Fragen?
Zijn er nog vragen?
Er ist noch im Büro.
Hij is nog op kantoor.
Die Lehrerin bemerkte, dass noch Zeit blieb, bevor der Test begann.
De lerares merkte op dat er nog tijd over was voordat de toets begon.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je iemand voor die aan een bureau blijft zitten terwijl anderen vertrekken; een label «noch» zweeft erboven en betekent «nog hier».
Klinkt een beetje als Engels «noch» ~ «nock» — stel je een klok voor met één extra tikje dat «nog» betekent.