verb
controleren, nakijken, verifiëren
A2
kontrollieren is een regelmatig werkwoord en betekent ‘controleren’, ‘nakijken’ of ‘bewaken’. Voltooid deelwoord: kontrolliert; hulpwerkwoord: haben. Het is meestal transitief en krijgt een lijdend voorwerp in de accusatief. Niet scheidbaar en niet wederkerig. Veel gebruikt bij controle en toezicht.
Voorbeelden
Sie hat die Arbeit kontrolliert.
Ze heeft het werk gecontroleerd.
Der Manager will die Produktion kontrollieren, um Fehler zu vermeiden.
De manager wil de productie controleren om fouten te voorkomen.
Ich kontrolliere meine E-Mails.
Ik controleer mijn e-mails.
Details
Ezelsbruggetjes
Picture a person with a clipboard putting a big check mark to 'control' and 'check' items
Sounds like 'control-lion' — imagine a lion checking things
Opmerkingen
Een regelmatig zwak werkwoord. Veelgebruikt in contexten van inspectie, verificatie en controleprocessen.