noun
club
A2
Klub is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘club’: een vereniging, groep of ontmoetingsplek. Meervoud: Klubs. Regelmatige verbuiging. Ook de spelling Club komt voor. Het woord is vooral in gesproken taal gebruikelijk, in sociale, sportieve en culturele contexten.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Ich bin Mitglied in einem Sportklub.
Ik ben lid van een sportclub.
Der Verein eröffnete einen neuen Klub in der Stadt, weil viele Jugendliche Interesse zeigten.
De vereniging opende een nieuwe club in de stad omdat veel jongeren interesse toonden.
Wir treffen uns im Klub am Freitag.
We ontmoeten elkaar vrijdag in de club.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een groep mensen voor die samenkomt in een clubruimte.
Klub ~ Engels ‘club’.
der: stel je een mannelijke portier bij de club voor (der Klub).
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Alternatieve spelling ‘Club’ bestaat; beide worden gebruikt. Meervoud vaak ‘Klubs’ of ‘Clubs’.